Ongelijkheid ondermijnt armoedebestrijding in AziŽ

In AziŽ en het Pacifisch gebied wordt succes geboekt bij het bestrijden van armoede, het bieden van basiseducatie aan iedereen en het bereiken van gelijkheid tussen man en vrouw. Maar geen enkel land zal erin slagen alle doelen te bereiken die de internationale gemeenschap zich bij de millenniumwisseling voor 2015 heeft gesteld. Bovendien dreigen de verworvenheden te worden ondermijnd door groeiende economische ongelijkheid. Dat staat in het rapport De millennium doelstellingen voor ontwikkeling: vooruitgang in AziŽ en het Pacifisch gebied, dat de Verenigde Naties en de Aziatische Ontwikkelingsbank vandaag hebben uitgegeven.

Armoede
De regio is goed op weg om het aantal straatarme mensen in 2015 te halveren in vergelijking met 1990, zo blijkt uit het rapport. Waren er in 1990 nog een miljard mensen die van minder dan een dollar per dag moeten rondkomen, nu zijn dat er 641 miljoen. Vooral China draagt bij aan het succes. In 1990 leefde een op de drie Chinezen in armoede, nu een op de tien. De Filipijnen, India, Bangladesh, Pakistan en Sri Lanka doen het op dit punt minder goed.

Mislukkingen
Tegenover de successen staan ook mislukkingen. Van het terugdringen van de kindersterfte, verbetering van de gezondheid van moeders en grotere beschikbaarheid van zuiver drinkwater en sanitaire voorzieningen komt weinig terecht. En de snel groeiende kloof tussen arm en rijk dreigt roet in het eten te gooien. In veel landen zag de armste 20 procent van de bevolking zijn aandeel in het nationale inkomen sterk dalen. De economische ongelijkheid nam toe in veertien van de twintig landen, waarbij Nepal en China de kroon spannen. "Ondanks tweecijferige groei blijven grote delen van de bevolking buiten de boot vallen", zei Raj Kumar van de Economische en Sociale Commissie voor AziŽ en het Pacifisch gebied (ESCAP) van de Verenigde Naties. (novum/hln)

8/10/2007

Bron : Het Laatste Nieuws

Archief - Home