Overdag burgemeester, 's nachts terminator

Hij wordt gehuldigd omdat hij een van de veiligste steden in de wetteloze Filippijnen bestuurt. Maar Rodrigo Duterte's vrede heeft een verschrikkelijke prijs.

Kathy Marks

In de Filippijnen en omstreken is het zuidelijke eiland Mindanao een synoniem van burgeroorlog, anarchie en geweld. De bergen en jungles van het eiland herbergen separatistische guerrilla's verwikkeld in een strijd voor een onafhankelijke moslimstaat. Ontvoeringen komen er vaak voor en er woedt al decennialang een communistische opstand. De leiders van de stammen, bijgestaan door privé-milities, heersen over een bange bevolking, die onder schot gehouden wordt.

De uitzondering is Davao, een bruisende metropool op de zuidkust van Mindanao, aan de voet van Mount Apo, de hoogste berg van het land. Onder het bewind van burgemeester Rodrigo Duterte is de straatcriminaliteit in de groeiende havenstad enorm gedaald. Davao, dat door Asia Magazine verkozen werd tot een van de 'leefbaarste' steden van Azië, bloeit. Buitenlandse investeringen stromen binnen. Maar Davao's reputatie als een oase van rust en orde in een van de gevaarlijkste regio's van de wereld verhult een duister geheim. Sinds Duterte drie jaar geleden burgemeester werd, is de stad getuige geweest van een golf van moorden, gepleegd bij daglicht door moordenaars op motors. De slachtoffers zijn jonge mannen en straatkinderen verdacht van kleine criminaliteit. Het dodental is opgelopen tot 241, en er is niemand gearresteerd.

Dat is een cijfer dat de trotse autoriteiten van de stad liever niet uitbazuinen naar de buitenwereld toe. Want de moorden zouden het werk zijn van een mysterieuze burgerwacht; de Davao Death Squad, opereert naar verluidt met de zegen van de politie en het stadsbestuur. Eigenlijk is het moeilijk om in Davao iemand te vinden die er niet van overtuigd is dat het doodseskader door Duterte zelf in het leven werd geroepen.

De burgemeester, die nationale bekendheid heeft verworven als de 'Dirty Harry van de Filippijnen', ontkent dat de moorden officieel gesteund worden. Maar onlangs pochte hij tijdens zijn campagne dat het aantal moorden, meer dan 100 vorig jaar, zou verdubbelen als hij deze week herkozen zou worden. "Laat me je een geheim vertellen", fluistert een taxichauffeur samenzweerderig. "Overdag is hij burgemeester en 's nachts is hij terminator. Ze zouden hem Arnold Schwarzenegger moeten noemen."

Het lijkt bizar, maar weinig mensen in deze stad van 1,2 miljoen inwoners zijn verontrust door de aanblik van lijken die, bijna dagelijks, in de straten verschijnen. Ze noemen het de "oplossing van 40 pesos" voor criminaliteit, verwijzend naar de prijs van een kogel, ongeveer 40 pesos. "Ik ben er blij mee", zegt Davao's ambtenaar van toerisme Edmundo Acaylar, die een handvol cashewnoten in zijn mond stopt terwijl hij ongeduldig wacht op het avondeten. "Wie het ook doet, ik zeg 'heel erg bedankt, je doet het heel goed'. Ze bevrijden Davao van criminelen en maken er een veilige plaats van. Ik noem het een proces van zuivering."

De meeste slachtoffers komen uit de sloppenwijken van de stad, waar een half miljoen mensen in schrijnende armoede leven. Velen zijn tieners, sommigen nog maar veertien, wier enige 'misdaad' het snuiven van oplosmiddelen was, wat hongergevoelens zou wegnemen. Anderen zijn vermoedelijke drugsdealers, zakkenrollers of dieven die verdacht werden van het stelen van handtassen en gsm's. Gerechtigheid wordt uitgedeeld door twee mannen op een motor, van wie een fungeert als wacht, de ander als moordenaar. Veel van de moorden zijn gepleegd op openbare plaatsen, voor de ogen van een menigte toeschouwers. Maar niemand heeft zich aangeboden om te getuigen. "De mensen zijn bang dat als ze getuigen, zij de volgenden zullen zijn", zegt Carlos Zarate, voorzitter van de plaatselijke afdeling van de Filippijnse orde van advocaten.

Advocaten geloven dat het doodseskader geleid wordt door de politie van Davao, in een complot met Duterte. Bernie Mondragon, de coördinator van het Kabataan-consortium van groepen die opkomen voor de kinderen, is het daarmee eens. "Dit zijn executies zonder proces", zegt hij. Het zijn moorden die gesteund worden door de staat. Anders zou het doodseskader niet ongestraft kunnen opereren."

De politie ontkent alle betrokkenheid en legt de schuld bij oorlogen tussen rivaliserende drugbendes. "Er zijn moorden gepleegd, maar gelukkig of jammer genoeg waren de slachtoffers allemaal criminelen", zegt Conrado Laza, het hoofd van de politie van Davao. Hij kijkt ongelovig wanneer hem een lijst getoond wordt van kinderen die gestorven zijn. "Deze namen staan niet in onze verslagen", zegt hij. Laza beweert dat het doodseskader een mythe is, "een creatie van de media". Ondanks de 241 onopgeloste moorden heeft het politiekorps van Davao nationale lofbetuigingen ontvangen omdat het de misdaad heeft ingedijkt.

Clarita Alia is een kleine, diep getroffen vrouw, die een groentekarretje voortduwt op de markt in de sloppenwijken van Bankerohan. Alia had zeven zonen; nu heeft ze er nog vier. Eerst stierf Richard, achttien, die neergestoken werd aan een café in juli 2001. Drie maanden later werd de zestienjarige Christopher vermoord terwijl hij een bord geroosterde kip aan het eten was aan een kraampje naast de weg. Bobby, nog maar veertien, werd aangevallen toen hij een karaokebar verliet in november 2002. Een man stak een jachtmes in zijn rug. Hij zakte ineen in het midden van het marktplein van Bankerohan.

Regelmatig huilend, vertelt Alia, 48, hoe een politieagent haar voor Richards dood waarschuwde dat "ze mijn zonen zouden pakken, de een na de ander". Ze zegt: "Hij zei me dat de Alia-broers op zijn lijst stonden. Later, nadat Richard en Christopher vermoord waren, waarschuwde de politie me dat Bobby de volgende zou zijn."

Het Tambayan Centre, een liefdadigheidsorganisatie die met jeugdbendes werkt, smokkelde Bobby weg uit Davao en plaatste hem in een tehuis in General Santos, een andere stad op Mindanao. Maar hij kon zich niet aanpassen en keerde terug naar zijn moeder. Kort daarna werd hij vermoord. "Het was een verschrikkelijke klap, omdat we allemaal wisten dat het ging gebeuren", zegt een medewerker van Tambayan, Pelgrim Gayo-Guasa.

De Alia-broers zaten voortdurend in de problemen voor mogelijke misdrijven, gaande van diefstal en gebruik van oplosmiddelen tot bezit van een mes. "Ik denk niet dat ze ooit een ernstig misdrijf gepleegd hebben", zegt hun moeder. "Wat ze ook gedaan hebben, mijn zonen verdienden het niet om te sterven."

Duterte spreekt stoere taal en draagt een .38 revolver. Hij rijdt met een Harley-Davidson en bestuurt de stad als een maffiabaas. Hij is zelden op kantoor, patrouilleert 's nachts in de straten en slaapt tot de middag. In het verleden heeft hij zich voorgedaan als taxichauffeur en straatverkoper om criminelen te pakken. Het is ook gebeurd dat hij automobilisten die in de fout gingen in het gezicht sloeg. Kinderen heeft hij naar het stadhuis gesleurd voor een pak slaag.

De burgemeester voert een eenmanskruistocht tegen criminaliteit, maar hij heeft vooral een enorme afkeer van drugshandel. Hij verscheen op de lokale televisie om lijsten voor te lezen van mogelijke dealers en verslaafden en waarschuwde hen voor verschrikkelijke gevolgen tenzij ze de stad zouden verlaten. In de weken die volgden, werden veel mensen die genoemd waren, vermoord. Anderen werden aangevallen nadat ze opgepakt waren door de politie en een paar dagen of zelfs minuten na hun vrijlating vermoord.

Duterte's nultolerantiebeleid is enorm populair. De president van de Filippijnen, Gloria Arroyo, heeft hem aangesteld als haar speciale adviseur inzake gezag en orde. Zijn kiezers loven hem erom dat hij het imago van Davao, ooit de meest wetteloze stad in de Filippijnen, heeft veranderd. Bellers prijzen zijn prestaties op de radio. De moorden waren het belangrijkste punt in de verkiezingen deze week, waarbij hij met een grote meerderheid herkozen werd.

Sofronio Jucutan, de voorzitter van de kamer van koophandel, zegt dat de eliminatie van misdadigers goed is voor de zaken. "We keuren de moorden niet goed, maar we willen dat de samenleving gezuiverd wordt van uitschot", zegt hij. Die mensen zijn afval, en net als van alle afval moet je je ervan ontdoen." Hij voegt eraan toe: "Maar wij zijn een katholiek land en we hechten waarde aan het menselijk leven."

Op een van zijn verkiezingsbijeenkomsten zei Duterte, 59, tot de menigte: "Als ik win, zullen er nog criminelen sterven omdat ik beloofd heb de mensen van deze stad te beschermen. Het is waar dat er moorden geweest zijn. Maar wie waren degenen die vermoord werden? Waren het geen misdadigers? Het waren allemaal dwazen. En als je zegt dat je niet op mij wilt stemmen omdat ik veel mensen vermoord heb, stem dan niet op mij."

In een interview is hij voorzichtiger. "Als je me vraagt of dit moorden zijn die door de staat gesteund worden, dat is niet zo", zegt hij. "Maar ik ben blij dat die criminelen er niet meer zijn om mensen die zich wel aan de wet houden, lastig te vallen." Terwijl hij zijn knokkels laat kraken, zegt hij: "Als je drugs verkoopt, zul je uiteindelijk sterven. Soms, in deze wereld, moet je boeten voor je zonden."

Het interview vindt plaats na een persconferentie op de vooravond van de verkiezingen, die opgezet werd om de bewering te weerleggen van zijn tegenkandidaat voor het burgemeesterschap, Benjamin de Guzman, dat Duterte een complot zou smeden om hem te vermoorden. Hof houdend in een Chinees restaurant in het Grand Men Seng Hotel in Davao, steekt de burgemeester de draak met zijn rivaal. "Als ik de Guzman vermoord, dan zal het niet zijn omdat ik de verkiezingen wil winnen", zegt hij. "Het zal een moord uit barmhartigheid zijn, om een einde te maken aan zijn lijden. Het zal politieke euthanasie zijn." De lokale journalisten giechelen vleierig. Duterte, enorm tevreden met zichzelf, herhaalt de grap meerdere keren.

De burgemeester is een strak opgespannen veer van een man, met een koude glimlach en elegant gemanicuurde nagels. Hij citeert, afwisselend, uit Vergilius en de bijbel. Volgens één verhaal, dat vaak verteld wordt, nam hij ooit een beruchte crimineel mee in een helikopter, deed de deur open en gooide hem eruit. Het lokale televisiestation heeft beelden van hem terwijl hij tegen het lichaam van een van de slachtoffers van het doodseskader schopt "om te controleren of hij dood was", legde hij later uit. Duterte's woord is wet in Davao. Politieagenten die binnenvallen in huizen zonder huiszoekingsbevel verklaren dat ze handelen "in opdracht van de burgemeester".

"Er heerst een sfeer van angst", zegt Zarate, de advocaat. "De mensen durven niet tegen hem ingaan." Maar Patricia Ruiviva, Duterte's adviseur, zegt dat zijn macho-imago een zachte binnenkant verbergt. "Kinderen zien hem als een vaderfiguur", zegt ze. "Hij wordt gemakkelijk geraakt door armoede en onrecht." Denkt ze dat hij verantwoordelijk is voor de moorden? Ze aarzelt, en zegt dan nee, en haalt de "unieke dynamiek" tussen Duterte en zijn moeder aan. "Zijn moeder is de enige persoon voor wie hij bang is."

Voor hij in de politiek ging, was Duterte een advocaat die dissidenten verdedigde onder de dictatuur van Ferdinand Marcos. Hij volbracht twee ambtstermijnen als burgemeester in de jaren negentig en werd opnieuw burgemeester in 2001. Sindsdien is het aantal mysterieuze moorden gestegen. Onder de slachtoffers tot nu toe zijn 42 mensen van 18 of jonger. Geen van de mensen die neergestoken of van dichtbij in het hoofd geschoten werden, waren topspelers in de drugshandel, zo zeggen plaatselijke bewoners.

De moordenaars, die politieagenten zouden zijn, voormalige communistische rebellen en huurmoordenaars, worden steeds brutaler. Een man werd neergeschoten in een openbare minibus voor de ogen van zijn familie; twee werden doodgeschoten aan een kerk. Een slachtoffer dat overleefde en bereid was om te getuigen, veranderde van gedachte nadat acht gewapende mannen een bezoek hadden gebracht aan zijn huis. Een lid van het doodseskader dat voornamelijk als lijfwacht werkt, vertelde een vriend: "Nu en dan doe ik een klus voor de burgemeester."

De achttienjarige Gerald Abensay, die in januari gearresteerd werd omdat hij een stereo had gestolen, werd twee dagen later vermoord in Bankerohan. Ze lieten hem liggen in een plas bloed, maar hij leefde nog een uur, naar adem snakkend en om hulp roepend. De politie kwam kort na de schietpartij ter plaatse, maar negeerde zijn smeekbeden en hield omstanders op afstand. Het voorval werd vastgelegd op videoband.

"De burgemeester speelt God", zegt Mondragon, de verdediger van de kinderen. "Hij beslist wie blijft leven en wie sterft. Hij is speurder, rechter, jury en beul. De misdrijven die deze mensen gepleegd hebben, als ze ooit bewezen zijn, verdienen de doodstraf niet. We worden verondersteld een beschaafde gemeenschap te zijn, die gelooft in gerechtigheid."

Zarate zegt: "Wij willen dat de gemeenschap zich verenigt en deze moorden aanklaagt. Hoeveel mensen moeten er sterven voor we 'genoeg' zeggen?" Intussen leeft Alia in angst. Nadat Bobby vermoord was, spoorden onbekenden haar twee jongste zonen op, Fernando, dertien, en Raymond, zeven, die in een tehuis wonen. Ze is gewaarschuwd dat een andere zoon, de 25-jarige Arnold, de volgende zal zijn. "Waarom vallen ze mijn gezin aan?" vraagt ze. "Waaraan heb ik al die moorden verdiend?"

© The Independent

Sinds Duterte burgemeester werd, kende de Filippijnse stad Davao een golf van moorden, gepleegd bij daglicht door mannen op motors. Het aantal doden, allen kleine criminelen, is opgelopen tot 241 en er is niemand gearresteerd

26/06/2004

Bron : De Morgen

Archief - Home